Lamsrust schreef op 24 september 2025 15:03:
Belangrijkste antwoorden minister Karremans:
? De leden van de VVD-fractie vragen tenslotte waarom er, ongeacht de prestaties van PostNL, niet voor is gekozen om geleidelijk naar D+2 en D+3 te gaan per bijvoorbeeld 1 januari 2025 en 1 januari 2026.
De postmarkt is erbij gebaat dat er duidelijkheid komt over de ingangsdata voor D+2 en D+3. De overstap naar D+2 en D+3 vereist een wijziging van het Postbesluit en kan op zijn vroegst per 1 juli 2026 in werking treden. Daarnaast heeft PostNL tijd nodig voor de operationele omschakeling van haar postnetwerk van D+2 naar D+3. In mijn brief van 30 juni jl. heb ik voorgesteld om de overgang naar D+3 te koppelen aan een volumedaling en vervroegde invoering indien PostNL aan bepaalde prestaties kan voldoen. Deze voorwaarden waren bedoeld als extra prikkel voor PostNL om de kwaliteit van de postdienstverlening te verhogen. Intussen is het debat over de Postwet uitgesteld en geeft PostNL steeds nadrukkelijker aan dat duidelijkheid en keuzes nodig zijn. Zij is in bezwaar gegaan tegen de afwijzing van haar subsidieverzoek en geeft aan de UPD niet langer te kunnen uitvoeren zonder politieke keuzes.
Gegeven die ontwikkelingen is een keuze voor een geleidelijke overgang, ongeacht de prestaties van PostNL, ook goed denkbaar.? Tot slot wijzen de leden van de BBB-fractie erop dat de minister het subsidieverzoek van PostNL heeft afgewezen, mede omdat de UPD binnen “realistische kaders” zou moeten kunnen worden uitgevoerd. Deze leden vragen de minister welke risico’s hij ziet voor de continuïteit van de UPD als PostNL de financiële houdbaarheid niet weet te waarborgen binnen de voorgenomen versoberingen. Wat gebeurt er indien PostNL alsnog de uitvoering neerlegt of nogmaals een subsidieverzoek indient? Daarbij vragen deze leden ook hoe straks beoordeelt kan worden of deze financiële claims wel terecht zijn, nu ACM eerder constateerde dat PostNL beperkte inzage geeft in de cijfers en Ernst & Young zich slechts op door PostNL aangeleverde informatie heeft gebaseerd zonder onafhankelijke accountantscontrole. Is de minister bereid om volledige openheid in de boeken van PostNL af te dwingen, zodat de Kamer kan beschikken over objectieve en controleerbare informatie?
Voor mij staat voorop dat de huidige kaders van de UPD niet meer realistisch zijn. Van een bedrijf als PostNL kan niet worden verwacht dat zij een wettelijke taak binnen de huidige kaders blijft uitvoeren voor de lange termijn. PostNL heeft bezwaar gemaakt tegen mijn afwijzing van haar subsidieverzoek. Vanzelfsprekend kan ik nu niet vooruitlopen op de inhoudelijke afwegingen die in bezwaar moeten worden verricht.
De voorgestelde wijziging voor de Postwet bevat een systematiek om dit soort situaties in de toekomst beter te behandelen dan nu het geval is. Een van de mechanismes ziet toe op situaties waarbij de UPD-verlener financiële moeilijkheden ondervindt. Dit moet de UPD- verlener melden aan de ACM zodra omstandigheden zich voordoen die mogelijk leiden tot een niet-rendabele uitvoering. Vervolgens moet een herstelplan worden opgesteld, met een beschrijving van de maatregelen om de financiële situatie te verbeteren en de continuïteit van de dienst te borgen. ACM beoordeelt deze situatie en geeft hierin ook advies aan de minister. Deze adviezen van de onafhankelijke toezichthouder kunnen door ons meegenomen worden bij beslissingen rondom subsidieverzoeken.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft op 5 september jl. uitspraak over de voorlopige voorziening van PostNL gedaan en hier kan ik kort op reflecteren. De uitspraak bevestigt mijn beleidslijn. Volgens de voorzieningenrechter is onvoldoende gebleken dat er nu al sprake is van een verlieslatende situatie, die bovendien zodanig veel impact heeft dat de bedrijfsvoering van het gehele bedrijf van PostNL in ernstige problemen zou kunnen komen als geen voorschot op de subsidie wordt verstrekt.
Wel vind ik het belangrijk dat er zo snel mogelijk een realistisch wettelijk kader komt. Deze conclusie trekt de voorzieningenrechter in haar uitspraak ook, door op te roepen om: ‘met de nodige voortvarendheid de benodigde structurele maatregelen beleidsmatig vorm geven en door te voeren’.PostNL kan niet tot volledige openheid van de boeken worden gedwongen, omdat het vertrouwelijk verstrekte bedrijfsinformatie betreft. Openheid over de financiële situatie bij PostNL zou als voorwaarde kunnen worden gesteld bij een eventuele subsidieverlening, maar dat is vooralsnog niet aan de orde omdat ik de aanvraag op grond van beleidsmatige overwegingen heb afgewezen. Overigens is PostNL verplicht om financiële rapportages en verantwoordingen met een accountantsverklaring aan ACM en EZ te sturen. Verder zijn in het verleden meerdere onderzoeken in opdracht van het Ministerie verricht naar de kostentoerekeningssystematiek. Daaruit zijn geen onregelmatigheden naar voren gekomen.