Als een getergde leeuw zat Nout Wellink, directeur van De Nederlandsche Bank, maandag voor de commissie-De Wit. Hij kreeg de afgelopen tijd veel kritiek over zich heen. Hij verdedigde daarom het beleid van DNB. Volgens Wellink zijn er fouten gemaakt, maar is het met de kennis van nu achteraf makkelijk praten. Hij had met Edith Schippers, fractielid van de VVD, een scherpe ondervraagster tegenover zich.
De conclusie van het gesprek is dat Wellink zich de kritiek op DNB aantrekt, maar dat hij niet vindt dat de toezichthouder veel anders had kunnen handelen. De crisis kon niemand aan zien komen en dat geldt volgens hem ook voor DNB. Hij erkent dat er fouten zijn gemaakt bij het inschatten van risico’s. Verder pleitte Wellink voor een internationaal onderzoek naar de kredietcrisis, omdat de crisis zich niet beperkt tot de landsgrenzen. Daarom moet er volgens de DNB-directeur ook een Europese toezichthouder komen.
Volgens Wellink is er in het kader van de kredietcrisis veel fout gegaan bij het risicomanagement van banken en had DNB daar een rol in kunnen spelen. “We waren ook verantwoordelijk voor het toezicht op risicomanagement bij banken en we hebben een aantal van die risico’s niet gezien.”
Veel van die financiële risico’s hadden volgens Wellink te maken met innovatie in de financiële sector. “Er werden steeds complexere producten bedacht die moeilijk te beoordelen waren. Banken vertrouwden op ratinginstituten en op rapporten van eigen medewerkers, maar hebben de risico’s niet goed ingeschat.” Ook DNB had volgens Wellink moeite om die risico’s te beoordelen. “We wisten niet precies hoe groot de risico’s waren en waar ze precies zaten.” DNB wist dus eigenlijk niet welke risico’s er waren, maar moest er wel toezicht op houden.
Daar raakten de commissie-De Wit en Nout Wellink een gevoelig punt. Het is moeilijk om toezicht te houden op iets wat door niemand begrepen wordt. Volgens Wellink had hij in 2007 onmogelijk in kunnen schatten wat de risico’s waren van de complexe financiële producten die de crisis veroorzaakt hebben. “Niemand kent de risico’s van morgen”, was gedurende het verhoor bijna voortdurend zijn verdediging. Hij heeft dan ook niet de illusie dat hij een volgende crisis wel kan voorkomen.
Daarnaast wees Wellink op de claimcultuur die ook in Europa steeds meer voet aan de grond krijgt. DNB wil dan ook bescherming tegen juridische claims. “Stel dat we wel hadden ingegrepen bij Icesave dan hadden we mogelijk wel een juridisch probleem gehad.” Ook zien veel mensen niet wat DNB allemaal wel gedaan heeft. “Ik zou graag willen uitleggen wat we allemaal gedaan hebben, maar dat mag ik niet vanwege de geheimhoudingsplicht”, vertelt Wellink.
Wellink denkt niet dat er bij de banken een zogenaamde ‘moral hazzard’ leefde. Dat is het idee dat banken denken: ‘Wij zijn te groot om om te laten vallen, dus de overheid springt toch wel bij’. “Ik heb die gedachte bij banken nooit waargenomen”, zei Wellink. Hij nam verder de misvatting weg dat alleen grote banken systeemrelevant zouden zijn. “Ook kleine instellingen kunnen gevaarlijk zijn. De verwevenheid van een financiële instelling is belangrijker dan de grootte.”
Joop van Vlerken
|