Als je vraagt wat de problemen nu eigenlijk zijn, dan is het eerste antwoord: Griekenland. Dat land heeft schulden die het niet kan afbetalen. En natuurlijk andere Europese landen, die hebben ook schulden. Portugal en Ierland waren al bekend. Maar ook Italië heeft een hoge schuld, nl. 119% van het Bruto Binnenlands Product. Dan is er natuurlijk de situatie in de VS, de tegenstellingen tussen Democraten en Republikeinen waardoor beslissingen over bezuinigingen moeilijk genomen kunnen worden en waardoor de kredietwaardigheid een stapje werd verlaagd.
Is er nog meer? Ja, ratingbureaus. Als de rust op de beurs dreigt terug te keren, dan is er wel een ratingbureau die de kredietwaardigheid van een land een ‘notch' verlaagt, zoals met Italië deze week weer gebeurde om de vage reden dat S&P minder vertrouwen had in de manier waarop de Italiaanse regering toekomstige problemen zou kunnen oplossen.
En dan zijn er nog de extra bezuinigingen die onder druk van de Europese schuldenproblematiek worden doorgevoerd en zorgen voor minder bestedingen. Een neerwaartse spiraal dreigt.
‘Bearish sentiment'
Ik zie bij beleggers nog maar weinig vertrouwen in economisch herstel. Toch worden alle problemen veroorzaakt door de politiek en niet door de economie. Maar als politieke maatregelen om de problemen op te lossen, uitblijven, zal uiteindelijk de meest positieve belegger een deel van zijn portefeuille verkopen, waardoor beurskoersen blijven zakken.
Het is toch eigenlijk niet te geloven dat de schulden van zo'n economische dwerg als Griekenland een kettingreactie veroorzaken, waardoor beleggers over de gehele wereld panisch zijn geworden en sterk twijfelen aan het herstel van de wereldeconomie. Inmiddels is er al meer beurswaarde verdampt dan alle staatsschuld van Griekenland, Ierland, Portugal en Italië bij elkaar.
Er is een typisch ‘bearish' sentiment geschapen, waarin al het nieuws negatief wordt uitgelegd, waardoor koersen steeds iets dalen, en beleggers elke week de waarde van de portefeuille zien afnemen. In dat klimaat is het voor grote institutionele beleggers goed mogelijk om geld te verdienen. Zakenbanken en hedgefunds gaan gewaagde transacties aan en gokken op nog lagere beurskoersen. Zelfs een default van een land kan ze veel geld opleveren. Speculaties op valutakoersen is ook een mogelijkheid. Er is een hele batterij aan financiële instellingen, waarvan de handelaren helemaal geen slapeloze nachten hebben door de dalende koersen, maar die alleen maar kansen zien door de lagere koersen.
Voor particuliere beleggers die niet willen speculeren op verdere koersdaling, is er weinig meer te beleven op de beurs. Zij betalen het gelach. De stemming blijft aanhoudend zwak. Er valt niet op te anticiperen. De ene keer stijgen fondsen tot wel 10%, de andere keer dalen ze even snel. Als er even geen nieuws is, dan herstellen koersen. Maar omdat er nog geen oplossing is voor de problemen blijft het sentiment bijzonder fragiel en zijn er steeds weer grote koersdalingen wanneer negatief nieuws wordt gepubliceerd.
Speculatie op koersdalingen
De politiek onderneemt geen actie. Niet om de Europese schuldencrisis op te lossen en niet om speculatie te voorkomen. Een verbod op short-selling is in maar enkele landen ingesteld, een belasting op financiële transacties is er niet. Daarmee financieren particuliere beleggers de winst van de speculanten. Een onwenselijke situatie waaraan de politiek dringend iets moet doen.
Ook ‘gewone' banken komen door deze speculatie in de problemen. Banken vertrouwen elkaar niet meer en lenen elkaar geen geld meer uit. De vraag naar dollars neemt toe. Gecoördineerde acties door de ECB zijn uitgevoerd om de beschikbaarheid van dollars te waarborgen.
Dat de situatie voor gewone banken nijpend wordt, bleek gisteren duidelijk uit een interview met de hoofdeconoom van de Rababank, Wim Boonstra, die duidelijk de importantie aangaf om de Europese schuldencrisis op te lossen.
Fed veroorzaakt koersdaling van 3,5%
Ook de Fed kan er weinig meer aan doen. Deze week kwamen ze twee dagen bij elkaar om de mogelijkheden te bespreken. Ze boden de markt uiteindelijk de ‘twist'. De Fed gaat voor $400 miljard aan langlopende obligaties kopen en voor $400 miljard aan kortlopende obligaties verkopen. Op die manier proberen ze de lange rente te drukken. Daardoor zullen hypotheken en consumentenleningen goedkoper worden. Bovendien leveren staatsobligaties dan helemaal niets meer op en zullen beleggers – naar verwachting – meer in aandelen investeren.
Hoewel de Fed de maatregelen nam om de markt te ondersteunen was het effect precies andersom. Donderdag eindigde de Dow 3,5% lager op 10.733 punten. De AEX sloot zelfs 4,4% lager op 263 punten. Beleggers keken helemaal niet naar de ‘twist', maar hadden alleen maar oog voor deze begeleidende zin: ‘"There are significant downside risks to the economic outlook, including strains in global financial markets." De markt legde de nadruk op ‘duidelijk neerwaartse risico's voor de economie'. Bernanke had de boodschap zo niet bedoeld, maar zo werd hij wel opgevat.
Beleggers kijken niet meer naar economisch nieuws. Een stijging van het consumentenvertrouwen in de VS in september, een stijging van de industriële productie, een afname van het aantal eerste aanvragen voor werkloosheid, een stijging van de verkoop van bestaande woningen en een stijging van de ‘Leading indicators' doet ze niets. Zolang er geen duidelijke oplossing is voor de Europese schuldencrisis, blijft de beurs kwakkelen.
Martin Plooi
Martin Plooi
|