| De kredietcrisis begon als hypotheekcrisis in de Verenigde Staten. Doordat Amerikanen hun hypotheek niet meer konden betalen, kwamen ook veel banken in de problemen. De hypotheekcrisis werd zo een bankencrisis en uiteindelijk werd de kredietcrisis een feit.
De risicovolle subrime-hypotheken die de hypotheekcrisis veroorzaakten waren namelijk in stukjes gehakt en in financiële producten gestopt. Banken over de hele wereld hadden geld gestoken in deze producten. Toen bleek dat veel Amerikanen hun hypotheek niet meer konden betalen waren deze producten niets meer waard en kreeg het financiële systeem een enorme klap.
Tweede ronde De tweede ronde van de kredietcrisis werd ingeluid door het omvallen van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers. In tegenstelling tot zakenbank Bear Sterns en de hypotheekbanken Fannie Mae en Freddy Mac werd deze bank niet overeind gehouden door de Amerikaanse overheid. Het faillissement van deze kolos veroorzaakte een aardbeving in de financiële wereld.
Wantrouwen Doordat steeds meer banken in de problemen kwamen ontstond er wantrouwen op de financiële markten. Banken moesten overeind gehouden door overheden, omdat spaarders hun geld terugtrokken en banken elkaar geen geld meer uit wilden lenen. De geldmarkt kwam hierdoor zo goed als stil te liggen en overheden moesten ingrijpen om deze weer op gang te krijgen.
Fortis Ook Nederland ontkwam niet aan de problemen in de bankensector. De deels Nederlandse bankverzekeraar Fortis, kreeg te maken met enorme koersdalingen omdat het bedrijf volgens geruchten liquiditeitsproblemen had. Gedeeltelijke nationalisering door de Belgische, Nederlandse en Luxemburgse overheid werkte niet om het vertrouwen te herstellen. En uiteindelijk ging de Nederlandse overheid over tot gehele nationalisatie van het Nederlandse onderdeel van Fortis.
Kredietgaranties Later ontstonden er in Nederland nog problemen bij ING dat overheidssteun nodig bleek te hebben om haar kapitaalbuffers op peil te brengen. Ook elders in Europa kwamen verschillende banken in de problemen en moesten overheden bijspringen. De Europese overheden probeerden al snel nadat de crisis naar Europa was overgeslagen over te gaan tot een gecoördineerde aanpak van de problemen. Er werden onder meer afspraken gemaakt over kapitaalinjecties en kredietgaranties. Op deze manier probeerde men het vertrouwen in de financiële sector te herstellen.
In de tweede ronde van de kredietcrisis sloeg de crisis over van Amerikaanse huizenbezitters naar Amerikaanse banken en vervolgens verspreidde de crisis zich als een olievlek over de financiële wereld.
Joop van Vlerken
|