Een stijgende olieprijs, oplopende inflatie en de afwaardering van banken en autofabrikanten door Goldman Sachs. Dat was in het kort de reden van de paniek op de beurs op donderdag.
Het gevolg was een daling van de Dow Jones met 3% tot de laagste stand van dit jaar op 11453. Op 19 mei noteerde de Dow nog 13029. Een daling van 12% in een maand.
Andere beurzen deden het even slecht. De AEX eindigde op 425. Op 30 mei noteerde deze index nog 485. Een daling van eveneens 12%.
Rentebesluit VS teleurstelling
Het rentebesluit in de VS was een teleurstelling. Meestal is de markt gebaat bij een verlaging van de rente, maar door de steeds oplopende inflatie zat de markt eerder te wachten op een kleine renteverhoging op korte termijn, zeker nu de ECB de rente ook wil verhogen.
De Fed hield de rente afgelopen woensdag echter op 2%, zoals verwacht door 90% van de analisten. Uit de bewoordingen van de Fed viel op te maken dat een renteverhoging pas eind van het jaar in het verschiet lag. De markt trok hieruit de conclusie dat de risico’s voor economische groei blijkbaar zwaarder wogen dan de inflatie en dat gaf weinig reden tot vertrouwen.
Olieprijs boven $141
Ook de olieprijs bleef hoog. Op donderdag steeg de prijs tot boven $141 voor een vat van 159 liter. Beloften over vergroting van de productie door Saoedi Arabië en Koeweit wogen niet op tegen verklaringen van anderen dat de olieprijs wel tot $150-170 zou kunnen stijgen.
Adviezen Goldman Sachs
De belangrijkste paniek ontstond echter door uitspraken van de grootste zakenbank Goldman Sachs. Hoewel ze zelf een solide winst konden rapporteren, hadden ze bij de presentatie van de kwartaalcijfers in juni paniek gezaaid door de verwachting uit te spreken dat andere banken nog 60 miljard dollar aan vreemd vermogen zouden moeten ophalen om de verliezen ten gevolgde van de kredietcrisis te kunnen dragen.
Ook voorspelden ze midden mei dat de olieprijs in de tweede helft van het jaar zou stijgen tot $141 per vat, waarop de olieprijs prompt steeg.
Deze week deden ze er nog een schepje bovenop. Op donderdag verlaagden analisten van Goldman Sachs het advies voor de bankensector van ‘attractive’ naar ‘neutral’. Voor Citigroup werd een dringend verkoopadvies gegeven. Goldman Sachs verwacht voor het tweede kwartaal een afschrijving ter waarde van $9 miljard bij Citigroup en $4,2 miljard voor Merrill Lynch.
Ook de autobranche werd afgewaardeerd. General Motors ging van ‘neutral’ naar ‘sell’, van Ford werd het prijsdoel verlaagd van $8 tot $5.
De opeenstapeling van negatieve berichten werd de beurzen donderdag te veel. De meeste beurzen daalden 3%. En dat terwijl de verkoop van bestaande huizen in mei in de VS met 2% was gestegen, voor de tweede keer op rij.
‘Chinese walls’
Het is onbegrijpelijk dat de markt zo sterk reageert op de adviesverlagingen door Goldman Sachs. Citigroup had zelf al aangegeven met afschrijvingen te komen. Merrill Lynch heeft de laatste kwartalen afschrijvingen moet boeken. Ook dit kwartaal is dat te verwachten.
En welke belegger vindt de bankensector ‘attractive’? De koersen zijn al met 30-50% gedaald.
Het afwaarderen van autofabrikanten had eveneens weinig waarde: de koers van General Motors is dit jaar, al vóór het advies, met 50% gedaald. Dus om nu te komen met verkoopadvies is rijkelijk laat. Voor Ford geldt precies hetzelfde. De koers stond al op $5 voordat het advies kwam.
Het is ook de vraag wie er baat bij heeft om adviesverlagingen met veel publiciteit de wereld in te sturen. Goldman Sachs weet dat het een gezaghebbende zakenbank is en dat de adviezen hard aankomen. In het huidige beursklimaat is het sentiment met één persbericht te sturen. Het is dan bijzonder gemakkelijk om er zelf ook aan te verdienen. Goldman Sachs, die een olieprijs van 141 dollar voorspelde, had zelf ook grote belangen bij een stijgende olieprijs.
Om voorwetenschap te voorkomen, zouden de ‘chinese walls’ tussen de analistenafdeling en de beleggingsafdeling geluidsdicht moeten zijn. Zo wordt voorkomen dat koerswinsten worden behaald door voorwetenschap.
Tot nu toe is Goldman Sachs de enige die geen afschrijvingen heeft hoeven doen vanwege de kredietcrisis. Over het vierde kwartaal 2007 kon een extra winst van 4 miljard worden geboekt door met grote sommen geld te gokken op het verergeren van de kredietcrisis. Over het eerste kwartaal 2008 werd slechts 10% minder winst gemaakt als vorig jaar.
Midden juli komen Citigroup en Merrill Lynch met de resultaten. Dan wordt duidelijk of er inderdaad afschrijvingen zijn en hoe groot die zijn. De resultaten van Goldman Sachs komen pas in september. Als ze dan een fantastische winst laten zien, is het in ieder geval duidelijk dat de ‘Chinese walls’ van bordkarton zijn gemaakt.
Martin Plooi
|