In de bonuskwestie bij ASML denkt de onderneming vooral aan de belangen van het bedrijf volgens Jan Bouwens, hoogleraar accountancy aan de Universiteit van Tilburg. “Ze willen graag de bestuurders voor het bedrijf behouden, omdat ze goed gepresteerd hebben. De publieke opinie is dan minder belangrijk.”
Er ontstond vorige week commotie over de beloningen van de bestuurders van ASML . Zo zou het inkomen van Eric Meurice stijgen met 77%. “Je kunt niet zonder meer zeggen dat dat onredelijk is”, vertelt Bouwens. Volgens de Tilburgse hoogleraar is het behouden van deze bestuurders voor ASML belangrijker dan de publieke opinie over bonussen. “Het komt niet goed over, maar ASML schat blijkbaar in dat dit minder erg is dan goede bestuurders verliezen.”
Bonussen zijn volgens de Tilburgse hoogleraar gewoon onderdeel van marktwerking. “We willen uit de beschikbare poel de beste mensen selecteren en soms zijn er dat maar een of twee.” Bestuurders zijn zich volgens Bouwens bewust van hun uniciteit en kunnen daardoor flinke beloningen vragen. “Wij kunnen niet de beste bestuurders krijgen als we niet goed betalen.” Daarbij is het vaak zo dat bedrijven de beloningspakketten voor bestuurders minder doorzichtig maken. “Topbestuurders weten vaak niet wat ze precies gaan verdienen.”
Om de manager over te halen een contract te tekenen worden vaak ‘extras’ toegevoegd die afhankelijk van de prestatie worden uitgekeerd. Bij topbestuurders is het volgens Bouwens ook vaak zo dat bonussen deel uit maken van hun normale salarispakket. “Ik begrijp wel dat mensen het niet kunnen waarderen dat er bonussen uitgekeerd worden bij bedrijven die niet goed presteren, maar vaak zijn die bonussen onderdeel van vooraf besproken salarispakketten.”
Prestatiegerichte beloningen stimuleren mensen, vindt Bouwens. “Je kunt ze ook een goed salaris geven, maar dat geeft de onderneming minder mogelijkheden om te sturen.” Er is volgens hem weinig bewijs dat prestatiegerichte beloningen leiden tot risicovol gedrag, hoewel hij erkent dat optiepakketten daar wel toe kunnen leiden. “Ze profiteren dan als de aandelenkoers hoger oploopt, terwijl de optiewaarde niet beneden nul kan komen. Dat kan risicovol gedrag in de hand werken.” Jan Bouwens snapt wel waarom mensen naar bonussen wijzen als oorzaak van de kredietcrisis. “Mensen zijn op zoek naar verklaringen voor datgene dat onverklaarbaar is. Maar de kredietcrisis is niet veroorzaakt door bonussen, maar door de Amerikaanse overheid die wilde dat iedereen zich een huis kon veroorloven.”
Joop van Vlerken
|