Wie maatschappelijk een verschil wil maken en, ondanks een zeker risico, toch uitzicht wil houden op financieel voordeel, kan binnen het aanbod van Triodos Bank kiezen uit diverse groene en sociaal-ethische beleggingsfondsen. Marilou van Golstein Brouwers, fondsmanager van Triodos Fair Share Fund, licht toe wat de specifieke eigenschappen zijn van haar fonds en de andere beleggingsvormen binnen Triodos Bank: “Onze fondsen hebben altijd een dubbele doelstelling.”
Marilou van Golstein Brouwers, managing director van Triodos Investment Management, is al jaren actief op het gebied van microfinanciering. Vanuit haar werk voor Triodos was zij onder andere VN-adviseur in het Jaar van het Microkrediet en zat ze bij diverse banken in ontwikkelingslanden in de Raad van Commissarissen. Het beheer van het Triodos Fair Share Fund, dat zich specifiek richt op microfinanciering, is in haar handen.
Wat is het Triodos Fair Share Fund?
“Triodos Fair Share Fund is ontwikkeld in 2002 met de bedoeling te investeren in microfinancieringsinstellingen in ontwikkelingslanden zoals Peru, Bolivia, Cambodja, Kenia, maar ook landen in Oost-Europa zoals Bosnië-Herzegovina. Die verstrekken op hun beurt weer kredieten aan mensen aan de onderkant van de samenleving die daarmee dan een eigen bedrijf op kunnen starten. Het gaat hierbij om mensen die niet voor een lening bij een reguliere bank terechtkunnen. Het fonds valt in Nederland onder de regeling sociaal-ethisch beleggen, wat betekent dat beleggers tot een bepaald bedrag (ca. EUR 54.000, Red.) een fiscale vrijstelling krijgen. Deze bonus kan oplopen tot 2,5 procent. Dit is vrij uniek in Europa; eigenlijk alleen in Nederland kunnen particulieren op deze manier in deze sector investeren. Onder de noemer ‘Maatschappelijk beleggen’ vallen ‘Groen beleggen’ en ‘Sociaal-ethisch beleggen’, waarvoor deze fiscale voordelen gelden. Ook wij hebben onder meer een groenfonds, dat op deze regelingen berust en specifiek gericht is op duurzame energie en biologische landbouw. Al onze fondsen hebben datzelfde duurzame karakter.”
“Inmiddels is Triodos ook in andere landen actief (zoals België en Engeland, Red.), maar de wetgeving daar zit anders in elkaar dan in Nederland. De fiscale bonus, die voor Nederlandse investeerders in Triodos-fondsen (Groenfonds, Fair Share Fund en Cultuurfonds) opgaat, bestaat elders niet. Niettemin werken wij wel aan het opzetten van bijvoorbeeld een fonds voor microfinanciering dat ook in België en Engeland op de markt gezet kan worden zodat onze klanten daar ook in deze sector kunnen beleggen.”
Vragen de Triodosfondsen om een andere soort belegger?
“Beleggers lopen met het Fair Share Fund een zeker risico. Omdat het geld gaat naar ontwikkelingslanden is het risico te vergelijken met investeren in emerging markets; de risico’s zijn relatief hoog. Triodos wordt aandeelhouder of verstrekt leningen, maar niet aan beursgenoteerde bedrijven. Het zijn ook geen liquide beleggingen, dus is het ook moeilijker om daar eventueel weer vanaf te komen. Het is in die zin een heel anders soort beleggingsfonds. Het Triodos Fair Share Fund heeft zich in financieel opzicht niettemin stabiel ontwikkeld. De afgelopen drie jaar hebben we een gemiddeld rendement behaald van zo’n vijf procent, afgelopen jaar was het 5,7 procent. Met de fiscale bonus erbij vormt dat een redelijk rendement.”
“Het fonds heeft in die zin ook een dubbele doelstelling, het gaat er ook om het sociale rendement te behalen door eraan bij te dragen dat mensen in ontwikkelingslanden toegang hebben tot financiële diensten. We richten ons dus op beleggers die niet alleen voor het pure financiële gewin gaan. Onze beleggers zijn ook zeer betrokken bij het fonds. Op jaarvergaderingen is het altijd erg druk en wordt met veel belangstelling gevraagd naar de ontwikkelingen. Via onder andere nieuwsbrieven kunnen wij ook aangeven wat er met het geld gebeurt en welke impact het heeft op het leven van mensen ter plaatse aan de hand van praktijkvoorbeelden. Maar hoewel het goed is om te zien welk verschil de investering ter plaatse maakt, beschouwt Triodos het fonds niet als ontwikkelingshulp; mensen gaan een lening aan en moeten die terugbetalen. In die zin is het gewoon klassiek bankieren.”
Probeert u bepaalde zekerheden in te bouwen of risico’s te vermijden?
“Wij bekijken het als een zakelijke investering. We beoordelen, vanuit onze expertise, of de banken waar we ter plaatse mee in zee gaan, instellingen zijn die voldoende potentieel hebben, die processen goed op orde hebben, waar het management goed in elkaar zit met goede governance. We kijken ook naar de doelgroep waarop een plaatselijke bank zich richt en hoe de kredietprocessen in elkaar zitten, maar iedere financiering afzonderlijk beoordelen is onmogelijk. Een bank die wij financieren in Cambodja had vorig jaar bijvoorbeeld meer dan 190.000 klanten. Dat zijn grote groepen mensen die allemaal in verschillende sectoren actief zijn. Het is dan ook niet zo dat de banken zich ter plaatse in slechts een bepaalde sector bewegen, waardoor zij het risico zouden lopen in de problemen te geraken als die sector in zwaar weer beland. De investering is per definitie goed gespreid omdat het om zo’n grote klantenkring gaat. Bovendien zouden wij op het vlak van individuele beoordelingen ook geen toegevoegde waarde hebben.”
“Het is wel zo dat in de landen waar wij actief zijn bepaalde risico’s altijd aanwezig zijn. Een recent voorbeeld is Kenia, waar het in december van het vorig jaar eigenlijk van de ene op de andere dag misging. Wij zijn ook voornemens in Pakistan te gaan financieren, maar ook dan speelt nadrukkelijk de vraag hoe het politieke klimaat zich daar gaat ontwikkelen. Op landenniveau spelen dus beslist bepaalde factoren een grote rol, maar economisch gezien is het risico veel minder groot. De spreiding van activiteiten van de mensen met een microkrediet schakelt die factor grotendeels uit. Daarbij komt dat mensen aan de onderkant van de samenleving altijd alles zullen proberen om hun eigen bedrijfje draaiende te houden, omdat het meestal de enige wijze is waarop inkomen te garanderen valt. Een ander voordeel is dat de activiteiten van deze mensen minder gevoelig zijn voor internationale ontwikkelingen of die van de lokale economie. Dus ook tijdens een recessie ontwikkelt deze sector zich nog relatief goed; in die zin is het vrij stabiel.”
Is geografische spreiding een manier om risico’s te vermijden?
“Bij het maken van een keuze voor een nieuw gebied om in te investeren, speelt met name de behoefte ter plaatse een rol. We zitten veel in Zuid-Amerika, maar willen ook meer doen in Afrika en Azië. We hebben oog voor regionale spreiding, maar niet zozeer vanuit risico-oogpunt maar meer vanuit de behoeftevraag.”
Hoe zoekt u nieuwe projecten voor het Fair Share Fund?
“Triodos beheert naast het Fair Share Fund nog enkele andere fondsen, ook op het gebied van microfinanciering. Deels wordt daar geld van organisaties zoals Stichting DOEN of Hivos voor gebruikt, niet van beleggers of investeerders. Met deze fondsen kunnen we wat meer risico nemen en ook de gebieden opzoeken waar het wat moeilijker is om kredieten onder de mensen verspreid te krijgen. De faciliteiten zijn op die plaatsen nog niet echt geschikt voor het Fair Share Fund. Met dat fonds richten we ons dus op de streken waar het relatief iets verder ontwikkeld is.”
“Vanuit Triodos kunnen we echter wel heel breed financieren omdat we zoveel verschillende fondsen hebben. Zo kunnen we in een bepaald land beginnen met het ene fonds en als dat werkt, kunnen we daar naar verloop van tijd ook met het Fair Share Fund instappen. Zo zitten we bijvoorbeeld momenteel in Afghanistan, waar het omwille van de veiligheid en de gebrekkige infrastructuur moeilijk opereren is. De hoop is dat over een aantal jaar de situatie daar dusdanig veranderd is, dat wij alsnog het Fair Share Fund kunnen inzetten. De situatie in Afghanistan is overigens wel dusdanig dat dit niet op korte termijn te verwachten is.”
Hoe succesvol is het Fair Share Fund?
“De belangstelling is redelijk groot; zonder eigenlijk ooit iets aan reclame te hebben gedaan, hebben we voor het Fair Share Fund tot nu toe zo’n EUR 38 miljoen binnen gehaald. We willen nu komend voorjaar wel een campagne doen met het oog op mogelijke schaalvergroting. Er zijn projecten en regio’s die onze belangstelling hebben, maar dan zouden we graag voordien nog een grote slag maken.”
Waarom is juist investeren via Triodos de moeite waard?
“We zijn sinds 1994 pioniers op dit vlak met unieke fondsen. Bovendien merken wij dat meer en meer mensen graag zien dat hun geld goed terecht komt. Het doel vinden zij vaak even belangrijk - zo niet belangrijker - dan het rendement. Die groep beleggers weet ons te vinden. Wij willen vooral ook die voorlopersrol kunnen behouden door in zoveel mogelijk sectoren actief te zijn. Dat geldt bijvoorbeeld ook op het gebied van duurzame energie, waarbij het zo is dat als energiefondsen wereldwijd steeds groener worden, wij donkergroen zullen willen zijn. Wij geloven dat mondiale veranderingen vooral ook een financiële basis hebben; hoe geld geïnvesteerd wordt en waarin, bepaalt grotendeels de toekomst.”
Gerelateerd
Cornelis van Zutven
|