Historie
De geschiedenis van Zuid-Amerika is de laatste eeuwen sterk beïnvloed door de Europese veroveraars. Het land was rijk aan grondstoffen en alle zeevarende naties hadden wel oren naar nieuwe voorraden en een haven in de West.
De Nederlanden hadden om die reden bijvoorbeeld ook de monding van de Suriname rivier geclaimd. Zoals dat destijds ging, vormde de aanwezigheid van de inheemse volkeren niet een te groot bezwaar. Goud en zilver waren destijds de inzet; vandaag de dag zijn daar ook staal en olie bijgekomen, terwijl de landbouw eveneens als belangrijke sector geldt voor Zuid-Amerika.
Columbus stapte in de Santa Maria en kwam aan in een nieuwe wereld, die overigens voordien naar verluidt ook al Vikings (noordelijker) en Egyptenaren op bezoek had gehad. Deze volkeren hadden echter niet de middelen, de wil of de durf om het werelddeel te onderwerpen. De Spanjaarden en de Portugezen wel en het kostte hen krap honderd jaar om het gehele gebied te veroveren. Daarbij hadden zij in ziektekiemen een ongekende bondgenoot, die hen vooruitgingen in de wind zodat de Indianenstammen, die toch al over inferieure wapens beschikten, een gemakkelijke, doodzieke prooi werden.
Spanje kreeg echter in eigen land problemen. Ruzie met de Fransen en de Engelsen zou hen uiteindelijk Zuid-Amerika kosten. Toen Napoleon aan het begin van de 19e eeuw de strijd aanbond met Spanje waren de Verenigde Staten al (sinds 1776) onafhankelijk. Dit deed ook in Zuid-Amerika de roep om zelfstandigheid opbloeien. Onder leiding van met name Simón Bolívar, Bernardo O'Higgins en José Morelos werden de Spaanse overheersers binnen enkele decennia afgezet, terwijl ook Brazilië onafhankelijk werd van Portugal.
Zelfstandig
Het werelddeel was hiermee niet uit de zorgen; politieke instabiliteit en burgeroorlogen waren schering en inslag. De door de overheerser bepaalde regio’s werden opgebroken in kleinere staatjes en talloze grensconflicten zorgden ervoor dat kaartenmakers overuren draaiden. Tegen het einde van de 19e eeuw stabiliseerde Latijns-Amerika doordat strenge regimes aan de macht kwamen. Daarna was het de beurt aan populistische leiders (Juan Peron van Argentinië bijvoorbeeld), die echter ook niet zaligmakend bleken.
Na de Tweede Wereldoorlog werd het werelddeel inzet van de Koude Oorlog. De VS heeft onnoemelijk veel politieke zaken bepaald voor de Zuid-Amerikanen; afzetten van leiders, benoemen van dictatorachtige figuren en het ondersteunen van revoluties waren aan de orde van de dag. De vaak militaristische regimes die hierdoor ontstonden konden echter de economische malaise van de jaren ’80 niet overleven. Sindsdien is sprake van een opkomst van democratie in het gebied, hoewel lang niet alle binnenbrandjes definitief geblust zijn. Niettemin is naast Fidel Castro (Cuba) met Hugo Chavez (Venezuela) nog een uitgesproken linkse politicus aan de macht vandaag de dag. Daarnaast kennen Brazilië, Bolivia, Chili en Uruguay eveneens een links landsbestuur. Door de aanwezigheid van grondstoffen en op basis van de alsmaar sterker wordende onderlinge band van de Latijns-Amerikaanse landen, is het merendeel van deze landen momenteel te categoriseren onder de noemer Opkomende Markten.
Vroegste historie
Voor zover historici hebben kunnen nagaan, ontstonden de eerste nederzettingen in Zuid-Amerika een goede 17.000 jaar geleden. Indianenstammen leefden destijds langs de kustlijn van de visvangst en de jacht. Na deze periode raakte het hele werelddeel langzaamaan bevolkt door stammen, die zich meer en meer op de landbouw gingen richten. Daarnaast kende men in Zuid-Amerika al vroeg het principe van dieren houden. De oudste bekende stad is Caral, thans een ruïne in Peru maar ruim 4500 geleden een thuis voor een vooruitstrevend volk.
Door de ontdekking van aardewerk gaat het vanaf een kleine 2000 jaar voor het begin van onze jaartelling snel met het ontstaan van steden (hoewel Caral dus al van voor die tijd dateert). De rivierdalen tussen de Moche en de Mala bieden een onderkomen aan bloeiende culturen, die stand houden tot aan het begin van de Europese Middeleeuwen. Dan ontstaat ook de Nazca-cultuur, die verantwoordelijk is voor de gigantische grondtekeningen. In de Andes komen gelijktijdig de steden Tiwanaku en Huari op. De Moche-cultuur wordt uiteindelijk kortstondig opgevolgd door de Sican en de Chimu. Deze indianen deden betrekkelijk weinig aan godsdienstige bouwwerken, maar ontwikkelden vooral landbouw- en irrigatietechnieken. Gelijktijdig waren in Midden-Amerika (dat omwille van de taal eveneens bij Latijns-Amerika wordt gerekend) de Azteken en de Maya’s actief.
Inca's Vlak voor het einde van de 15e eeuw werd deze cultuur veroverd door de Inca's. Deze stam veroverde vrijwel het geheel Zuidoostelijke deel van het continent. Mede hierdoor zijn vooral overblijfselen van de Incacultuur bewaard gebleven. De trotse stam was ook een Indianenvolk dat namens Zuid-Amerika met de Europese conquistadores werd geconfronteerd. Eerst werden de Inca’s ziek van de Europese ziektekiemen, daarna werden ze misleid, vervolgens uitgemoord en tenslotte overheerst. Niettemin leven tot op de dag van vandaag echte Indianenstammen in de regenwouden van Zuid-Amerika; tot in de 20e eeuw werden van tijd tot tijd nog nieuwe inheemse volkeren ontdekt die zowel de Inca's als de Conquistadores hadden weten te ontkomen. Deze mensen hebben soms nog de levensstijl zoals alle mensen ter wereld die ooit hadden: die van verzamelaar. Daarnaast spreken tot op de dag van vandaag nog altijd een miljoen Maya’s hun oorspronkelijke taal. De verovering van Europa is daarom minder volledig dan wellicht gedacht, hoewel geen enkele Indianenstam daar natuurlijk verder veel aan heeft.
|