Impact
De impact van de hypotheekcrisis en later de kredietcrisis liet zich op meerdere niveaus gelden. De Amerikaanse regering kwam met een aantal noodmaatregelen om getroffenen ondersteuning te bieden en een recessie af te wenden. De centrale banken kwamen met de gezamenlijke maatregelen. Niettemin gingen verschillende bedrijven in de financiële sector kopje onder en draaide de kredietcrisis uit op een wereldwijde recessie.
Failliet
Een groot aantal banken, hypotheekverstrekkers en investeerders ging failliet als gevolg van de kredietcrisis. In de VS en Europa waren onder meer Lehman Brothers, New Century Financial, American Home Mortgage, Sentinel Management Group, Ameriquest, NetBank, Terra Securities, American Freedom Mortgage niet bij machte een faillissement te voorkomen. Anderen, zoals Freddie Mac, Fannie Mae, AIG, Fortis, ING en het Britse Northern Rock, werden ternauwernood gered. Over de hele wereld is de bankenwereld opgeschud. In Amerika zijn alle zakenbanken inmiddels failliet of verder gegaan als consumentenbank. Er waren veel vragen over het gedrag van bankiers dat geleid heeft tot de crisis. Hierin stonden vooral de torenhoge bonussen ter discussie.
Burgers
Miljoenen Amerikaanse huizenbezitters zijn tijdens de crisis hun huis uitgezet of liepen de kans dat dat zou gaan gebeuren. President Bush kwam in het najaar van 2007 al met een plan die degenen moest redden voor wie de nood het hoogst was; in februari 2008 brachten de grootste zes Amerikaanse banken eveneens een noodplan in werking dat door uitstel van betaling en nieuwe afbetalingsregelingen moet bijdragen aan een massaal verlies van woonruimte. Ook Europese burgers blijven niet buiten schot; de huizenmarkten in het Verenigd Koninkrijk en Spanje zijn ingestort en ook in andere Europese landen dalen de huizenprijzen. Door de teruggang in de economie liep ook de werkloosheid op. Begin 2009 was de Europese werkloosheid gemiddeld 7,6% en in Spanje was dat percentage bijna het dubbele. Dat betekende dat veel burgers hun baan verloren en te maken kregen met een lager inkomen. Daarnaast zijn veel beleggers een groot deel van hun vermogen kwijtgeraakt. Verliezen over 2008 van meer dan 25% zijn niet ongebruikelijk.
Centrale Banken
De rentestap van begin 2008 (75 basispunten) was de grootste sinds 1984; een week later werden nog eens 50 basispunten afgehaald van het tarief dat daarmee uitkwam op 3,5 procent. Verder hebben de Fed en de evenknieën uit Europa miljarden beschikbaar gesteld aan noodkrediet; hiermee konden banken voordelig lenen, zodat zij hun werk konden voortzetten en ook bedrijfsinvesteringen doorgang konden blijven vinden. Voor de economische voortgang een belangrijke voorwaarde. In het najaar van 2008 verlaagden de centrale banken hun rentes verder. Op 8 oktober verlaagde de ECB de rente naar 4,5% en in de VS ging de Fed nog verder. De rente werd daar verlaagd tot bijna 0%. Later verlaagde ook de ECB de rente verder tot 2,5% in maart 2009. In 2010 staan de rentes van de ECB en de FED nog steeds op een laag niveau.
Beurs
De eerste rampdag op de beurs als gevolg van de kredietcrisis vond op 16 augustus 2007 plaats. Het bijspringen van de Centrale banken sorteerde hierna effect. Hoewel de indices steeds op en af gingen, was de kleur rood te vaak te zien op de feeds. Het grootste eendaags drama tekende zich pas af in januari, toen na Martin Luther Kingdag alle beurzen rond de 5 procent kelderden. De S&P500 boekte in februari 2008 een recordverlies, terwijl de Dow de recordhoogte van boven de 14.000 binnen een maand was teruggebracht tot onder de 13.000. De Dow Jones bereikte in mei 2008 nog een keer de 13.000 punten, maar daarna zette de weg omlaag zich voort. Massale paniek zorgde op 6 oktober 2008, zwarte maandag, voor een recordverlies voor de Dow. De index zakte op die dag onder de 10.000 punten. Daana bleef de index dalen tot begin maart 2009 het voorlopige dieptepunt werd bereikt op iets meer dan 6.500 punten. De AEX kende ongeveer hetzelfde verloop en zakte begin maart 2009 zelfs onder de 200 punten.
|