Nieuws Artikelen
Plooi
De nadelen van het pensioenakkoord 16-9-2011
De financiële markten zijn al weken overspannen door de Europese schuldencrisis. Helaas krijgt het pensioenakkoord daardoor te weinig aandacht. Dat is jammer, want het pensioenakkoord is funest voor het pensioen van de werknemer.

Als je de media volgt, lijkt het zogenaamde Pensioenakkoord vooral te gaan over de voorwaarden waaronder de verhoging van de AOW-leeftijd van 65 naar 66 jaar in 2020 en naar 67 jaar in 2025 ingevoerd kan worden. Er wordt gesproken over mogelijkheden om alsnog een jaar eerder met pensioen te gaan, compensatie voor zware beroepen, extra AOW-opbouw, etc.

Maar dit zijn maar enkele onderdelen van het plan. En ook niet de belangrijkste. Het Pensioenakkoord gaat niet alleen over AOW, maar ook over uw pensioen. En als je het Uitwerkingsmemoradum leest van de Stichting van de Arbeid, dan wordt duidelijk dat het pensioenakkoord op alle vlakken nadelig is voor de werknemer.

Ik zal de bezwaren opsommen.

Niet alleen AOW, maar ook pensioenregeling wordt aangepast
Veel werknemers denken dat het pensioenakkoord alleen maar gaat over de verhoging van de AOW-leeftijd (de eerste pijler van het pensioen), maar dat is een misverstand. Ook de aanvullende pensioenaanspraken via de werkgever worden aangepast (de tweede pijler van het pensioen).

Voor de nog in de toekomst op te bouwen aanspraken geldt dat die gebaseerd worden op de nieuwe pensioenleeftijd. Aangezien die met een jaar is verhoogd (van 65 naar 66), scheelt dat direct al 6,5% pensioenpremie. Omdat tweederde van de pensioenpremie door de werkgever wordt betaald, worden de pensioenlasten voor hem lager. Overigens is het maar de vraag wat er met het geld gebeurt, dus verwacht niet dat het werknemersdeel van de premie 6,5% zal dalen.

De al opgebouwde aanspraken kunnen worden omgezet naar de hogere pensioenleeftijd. Als dat op actuarieel neutrale wijze wordt omgerekend, zou de werknemer een hoger pensioen moeten ontvangen. Maar of dat werkelijk gaat gebeuren is onduidelijk. Dat is afhankelijk van de invulling van de details van de regeling. Het kan dus ook zijn dat u wel later met pensioen gaat, maar er niets voor terugkrijgt. Misschien wordt het geld anders besteed. Dat is dan solidariteit. Alleen al om deze onduidelijkheid, moet het Pensioenakkoord niet worden ingevoerd.

Werken afhankelijk van de levensverwachting
Vroeger was een pensioenregeling vrij rechtlijnig. Ze ging uit van 40 dienstjaren, tot pensionering op 65 jaar. Daarin werd elk jaar 1,75% aan pensioen ingekocht, zodat met ingebegrip van de AOW op 65-jarige leeftijd een pensioen van 70% van het laatst verdiende loon was opgebouwd.

Die opbouw is en wordt steeds verder uitgehold. Al meer dan een decennium wordt steeds vaker volgens een middenloonregeling pensioen opgebouwd en steeds minder via een eindloonregeling. Daardoor lukt het werknemers nu al niet meer om 70% van het LAATST verdiende loon op te bouwen, maar bouwen ze 70% op van het GEMIDDELDE loon tijdens 40 jaar pensioenopbouw.

In het Pensioenakkoord is afgesproken dat de kosten van de pensioenregeling niet meer mogen stijgen. De hogere levensverwachting zal moeten worden opgevangen door de pensioendatum op te schuiven en niet door extra bedragen te storten. Onderdeel van het akkoord is dat in 2020 de AOW-leeftijd wordt verhoogd naar 66 en in 2025 naar 67. Aan de ene kant betaalt de werknemer langer premie, aan de andere kant ontvangt hij pas op hogere leeftijd pensioen. De overheid gebruikt die verhoging om enige miljarden te kunnen bezuinigen.

Bovendien zal elke vijf jaar een evaluatie plaatsvinden. Als blijkt dat de levensverwachting is gestegen, wordt besloten om langer door te werken. Wrang gesteld wordt het gemiddeld aantal jaren dat u van uw pensioen kunt genieten een constante. Hoe langer mensen gemiddeld leven, hoe langer ze gemiddeld werken.

Beleggingsrisico ligt volledig bij de werknemer
In het pensioenakkoord wordt de doelstelling geformuleerd om de pensioencontracten schokbestendig te maken voor ontwikkelingen op de financiële markten (rente, inflatie, rendementen). De uitvoering daarvan legt alle risico bij de werknemer. Dat is een levensgroot verschil met de huidige situatie waarin wordt uitgegaan van de ‘onvoorwaardelijke nominale toezegging' die inhoudt dat onder vrijwel alle omstandigheden het pensioen is gegarandeerd.

In een normale (beleggings)situatie heeft een pensioenfonds een grote buffer, de dekkingsgraad boven 100%. Als het goed gaat met de beleggingen, zal de buffer toenemen en zal het pensioenfonds de pensioenen verhogen (indexatie). Gaat het slechter op de beurs, dan zal de buffer kleiner worden en worden de pensioenen soms niet geïndexeerd. De werknemer merkt maar weinig van die verschillen. Werknemers die nog niet met pensioen zijn, bouwen nog steeds 1,75% per jaar op, ongeacht de buffer van het pensioenfonds. De werknemers die al wel met pensioen zijn, ontvangen in ieder geval jaarlijks het opgebouwde pensioenbedrag. Eventueel wordt het pensioen nog verhoogd met indexering als het goed gaat met de beleggingen.

Pensioenen werden nog nooit verlaagd. Als het echt slecht ging, dan werden de premies verhoogd of werd een extra donatie gedaan vanuit het bedrijf in het geval van een bedrijfspensioenfonds, of werden de waarderingsgrondslagen voor de dekkingsgraad gewijzigd of werd invoering van sterftetafels uitgesteld. Zo had een pensioenfonds een heel arsenaal aan mogelijkheid om te voorkomen dat pensioenen moesten worden verlaagd. Vanzelfsprekend onder supervisie van de actuaris.

Deze manier van werken zal drastisch worden gewijzigd als het Pensioenakkoord doorgang vindt. De dekkingsgraad zal straks op 100% worden gehouden. Er is dus geen echte buffer boven 100% meer. De hoogte van het pensioen wordt afhankelijk van het beleggingsresultaat. Als het goed gaat op de beurs, wordt het pensioen jaarlijks verhoogd, gaat het slecht dan zal het pensioen weer worden verlaagd. Gaat het heel slecht op de beurs dan wordt het pensioen steeds lager, ook als u al met pensioen bent.

Dit is een ongehoorde breuk met het verleden. De ‘onvoorwaardelijke nominale toezegging' wordt opeens risicodragend, zonder tegenprestatie.

Gepensioneerde deelnemer loopt ook risico
Ook voor gepensioneerde deelnemers wijzigt de situatie sterk. Tot nu toe werden gepensioneerde deelnemers zo veel mogelijk ontzien, omdat zij nauwelijks mogelijkheden hebben om invloed uit te oefenen op hun inkomen. Immers, hun pensioen is veelal het hoofdinkomen. Dat is verleden tijd. Als het Pensioenakkoord doorgaat, zullen ook zij te maken krijgen met fluctuaties van hun pensioen. Ze lopen evenveel risico als hun niet gepensioneerde lotgenoten.
 
Het pensioenfonds bepaalt uw beleggingsrisico
Als het beleggingsrisico volledig bij de werknemer ligt, dan zou je verwachten dat die zelf kan bepalen hoeveel risico hij wil lopen op zijn ingelegde geld. Maar dat lijkt niet de bedoeling. Het pensioenfonds gaat dat voor u bepalen. Het blijft immers een collectieve regeling. Er is geen individueel – persoonlijk – beleggingsprofiel, alleen een collectief profiel. Uiteindelijk lopen ook de oudere deelnemers – ongewild – beleggingsrisico en hebben niet de mogelijkheid om zelf te bepalen om het risico op de eigen beleggingsportefeuille te verminderen.
 
Oude aanspraken worden ook omgezet
Als u dacht dat het Pensioenakkoord alleen betrekking heeft op uw toekomstige pensioenopbouw, dan heeft u het mis. Het is de bedoeling om ook de oude pensioenaanspraken en –rechten om te zetten. Al uw aanspraken worden straks dus risicodragend zonder dat u invloed heeft op het beleggingsbeleid. Dat geldt ook voor gepensioneerde deelnemers. Ook hier zal het pensioen jaarlijks worden aangepast, afhankelijk van het rendement van de beleggingen.
 
Pensioenakkoord nadelig en onnodig
Het Pensioenakkoord is een verslechtering van de pensioenregeling van werknemers. Alle risico's worden bij de werknemer gelegd. Nu snapt u ook waarom de werkgevers en minister Kamp geen bezwaren hebben tegen invoering. Het Pensioenakkoord moet dus van tafel, niet alleen omdat het niet evenwichtig is, maar ook omdat het veel verder gaat dan nodig is.
 
Regel waardering tegen marktwaarde moet verdwijnen
De noodzaak om wijzigingen in de pensioenregeling door te voeren, komen voort uit de huidige economische crisis en de invoering van de Pensioenwet in 2007. Daarin werd bepaald dat bij de berekening van de dekkingsgraad, moest worden uitgegaan van de marktwaarde van de beleggingen. Het hele arsenaal aan mogelijkheden om fluctuaties in de dekkingsgraad te verminderen werd overboord gegooid.

Als zo´n regel wordt ingevoerd, precies op het moment dat de kredietcrisis is begonnen en de economie in recessie belandt, dan is duidelijk dat geen slechter moment had kunnen worden gekozen. Aandelenkoersen daalden in 2008 razendsnel (negatief voor pensioenfondsen) en daarna begon ook de rente van staatsleningen te dalen (ook negatief voor pensioenfondsen). Omdat pensioenfondsen de dekkingsgraad moesten bepalen op basis van een heel lage rente, daalde die sterk, hoewel het fonds nog steeds evenveel geld in kas had, en er geen enkele noodzaak was om de pensioenleeftijd te verhogen.

Deze waarderingsregel veroorzaakt alle problemen. Als pensioenfondsen weer zelf de mogelijkheid krijgen om zelf het rentepercentage te bepalen waartegen ze de dekkingsgraad willen berekenen – zoals ze dat voor 2007 ook deden onder leiding van hun actuaris – dan verdwijnen de pieken en dalen uit de dekkingsgraad en is er eigenlijk helemaal geen probleem. Dan kan het Pensioenakkoord achterwege blijven. Ons pensioenstelsel is niet voor niets een van de beste van de wereld. Houden zo.



Martin Plooi



Stem / voeg toe:

nujij.nl ekudos msn-reporter  delecious.com digg google 

rss-feed
 


Gratis nieuwsbrief ontvangen? klik hier
Reacties op dit artikel

Datum: 23-9-2011 08:43
Naam: Alec
Bericht: Met veel, heel veel in dit artikel ben ik het eens. Alleen wat je stelt over de waarderingsregel en de pensioenleeftijd klopt niet helemaal. Voor het FTK 2007 mochten pensioenfondsen met maximaal 4% rekenrente rekenen. M.a.w. zou het FTK niet zijn ingesteld, dan zou nu met een procent of 3 a 3,5 moeten worden gerekend. Maar het zou wel veel minder pieken en dalen geven. Eens dat toezicht gebaseerd op marktsentiment geen goede zaak is. Verder leven mensen steeds langer. De pensioenleeftijd moet wel omhoog. Maar je hebt volkomen gelijk dat elke levensduurverbetering niet voor 100% zou moeten leiden tot een gelijke pensioenleeftijdverhoging. In je betoog mis ik nog het belangrijke bezwaar dat de verschillende soorten van pensioen harde en zachte, de verschillende pensioenleeftijden en afgestempelde aanspraken zullen gaan leiden tot een onuitvoerbare en niet te communiceren chaos.
Datum: 23-9-2011 11:18
Naam: Jeroen Tuijp
Bericht: Goed verhaal waarbij de mening stevig wordt neergezet en waarmee ik het in grote lijnen ook wel eens ben. Wel even twee nuanceringen: 1 pensioenfondsen mogen niet zomaar even de grondslagen aanpassen omdat dat beter uitkomt voor de dekkingsgraad. Dat is niet toegestaan. 2 Of de oude aanspraken ook worden omgezet is nog maar zeer de vraag. Het heeft er alle schijn van dat dit op basis van Europese regelgeving verboden is. Die strijd is nog lang niet gestreden en kan zomaar het struikelblok worden. En met Alec ben ik het helemaal eens: qua communicatie is dit een gedrocht van jewelste. Jeroen Tuijp Actuaris AG Edmond Halley BV
Datum: 23-4-2012 15:01
Naam: ----------
Bericht: ik ben bezig voor mijn betoog, zou iemand mij kunnen vertellen wat rekenrente precies inhoud? Alvast bedankt!





INDICES     VALUTA
stijgers STIJGERS
AMG 6.28 5.46%
Heijmans 5.66 3.95%
Brunel 32.89 3.77%
Fugro 48.46 3.74%
dalers DALERS
PostNL 2.57 -2.13%
Air France-K 3.45 -1.17%
Wolters Kluw 12.10 -0.94%
TomTom 3.18 -0.44%
Streaming koersen: AEX, AMX, AScX
Volg automatisch de Trendscore portefeuille
Nederlands retailvastgoed met 1e hypotheekrecht
Seminar 23 mei, Rotterdam
Fundamentele analyse van de goudmarkt met gastspreker Sander Boon. Meer »
Rendement tot 12,9%
Beleg in 1e klas winkels in Nederland met 1e hypotheek- recht! Langjarig verhuurd (aan Hema, Bijenkorf en V&D). Meer »
spaarrente HOOGSTE SPAARRENTE
Spaarrekening   Max. Informatie
SNS Bank positief 4.75 %
NIBC Direct positief 4.30 %
SNS Bank positief 4.00 %
WestlandUtrecht positief 4.00 %
Reaal positief 4.00 %
Toon alle spaarrekeningen »
BELEGGINGSKANSEN
In de rubriek "Beleggingskansen" laat BeursGorilla een beleggingsprofessional aan het woord. Die vertelt u waar de beleggingskansen van dit moment liggen.
Ronald Doeswijk 8-5-2012
Ronald Doeswijk Ronald Doeswijk is hoofdstrateeg bij Robeco.
Als hoofdstrateeg is hij verantwoordelijk voor de economische visie en de visie van de vermogensbeheerder op de financiële markten.
Tjerk Smelt 14-12-2011
Tjerk Smelt Tjerk Smelt is oprichter van Helder Vermogensbeheer.
Daarnaast is hij senior vermogensbeheerder bij DCA-Vermogensbeheer, een vermogensbeheerder gericht op Agrarisch Nederland.
Meer Beleggingskansen >>
Actuele rente top 10   Rente Informatie
De Hypotheekshop positief 2.84 %
Woonlife positief 2.87 %
OHRA positief 3.15 %
AEGON positief 3.20 %
OBVION positief 3.40 %
Delta Lloyd positief 3.45 %
SNS Bank positief 3.45 %
Florius positief 3.50 %
Woonfonds positief 3.50 %
Reaal positief 3.55 %
naar hypotheekrente overzicht »
Actuele rente top 10   Rente Informatie
Freo positief 5.80 %
Directa.nl positief 5.80 %
Comfort Leningen positief 6.30 %
OHRA positief 6.30 %
SNS Bank positief 7.59 %  
ABN AMRO positief 8.40 %  
Regio Bank positief 8.50 %  
Rabobank positief 8.50 %  
ING Bank positief 8.60 %  
DHB Bank positief 8.90 %  
naar leenrente overzicht »
Actuele rente top 10   Rente Informatie
ABN Amro positief 5.00 %  
OHRA positief 4.00 %  
AEGON Bank positief 3.00 %  
SNS Bank positief 2.85 %
Bank of Scotland positief 2.80 %
WestlandUtrecht positief 2.80 %
MoneYou positief 2.75 %
MoneYou positief 2.75 %
Reaal positief 2.75 %
SNS Bank positief 2.75 %
naar spaarrente overzicht »
An error occurred on the server when processing the URL. Please contact the system administrator.

If you are the system administrator please click here to find out more about this error.